De kleuterklas

(4- 6 jaar)


In de kleuterklas staat het spel en de ontwikkeling van de fantasie centraal. Er wordt een warme, sfeervolle omgeving geboden waarin de kleuters zich zo goed mogelijk thuis voelen. Kinderen tot 7 jaar bootsen veel van de volwassenen na. Dat zie je in hun spel terug. Daarom is het belangrijk dat de leerkracht een voorbeeld voor ze is. De kinderen spelen vadertje en moedertje, winkeltje enz. Met zand en water, blokken en kleden geven ze hun eigen belevingen en gedachten vorm. De kleuter leeft sterk in zijn zintuigen; kijkt, proeft, hoort en voelt zonder dat er nog innerlijk een bewuste keuze is gemaakt. Dat innerlijke bewustzijn is bij de kleuter nog volop in ontwikkeling. We laten de kleuter zoveel mogelijk de wereld op zijn eigen wijze ervaren. De zo ontwikkelde begrippen zijn gevuld met eigen belevingen en vormen een gezonde basis om het kind te laten uitgroeien tot een actief lerend schoolkind.

Ritme
Kleuters weten niet hoe laat of welke dag of maand het is. Ze leven in het natuurlijke ritme van de dag en de seizoenen. Om kleuters houvast te geven kennen we een dagritme, een weekritme en een jaarritme. Iedere dag heeft een vaste volgorde waarin er wordt gezongen, versjes opgezegd, een "verhaal" gespeeld, vrij gespeeld (zie hoofdstuk 2.4.3) en een verhaal verteld.
Iedere dag van de week heeft een vaste gezamenlijke activiteit zoals boetseren, schilderen, tekenen en broodbakken.
Door het jaar is er het ritme van de jaarfeesten. De kinderen leven van feest naar feest. Van Michaël (herfstfeest) naar Sint Maarten, Sinterklaas, Kerst, Pasen, Pinksteren en Sint Jan (zomerfeest).
De seizoenen worden zichtbaar gemaakt op de seizoenentafel in de klas.


Ontwikkeling
De kleuters worden in heterogene groepen van 4 tot 6 á 7 jarigen opgenomen en blijven gedurende hun kleutertijd bij dezelfde leerkracht. Deze begeleidt elk kind in die periode en gaat in op de individuele ontwikkelingsbehoefte. Indien daar aanleiding toe is, wordt hierover gesproken met de ouders. Aan de ontwikkelingsfasen in zijn algemeenheid wordt op de ouderavonden aandacht besteed.
Gesignaleerde problemen worden in onderling overleg, zonodig met therapeutische ondersteuning aangepakt. Als de eindfase van de kleutertijd zich aandient komt de overgang naar de eerste klas ter sprake. Er wordt zeer zorgvuldig gekeken of een kind toe is aan de eerste klas (schoolrijpheid). In nauw overleg met leerkracht, toekomstige onderbouw leerkracht, schoolbegeleider, ouders en schoolarts wordt de overstap naar de eerste klas weloverwogen genomen.


Het vrije spel
Met het vrije spel wordt de lichamelijke en zintuiglijke ontwikkeling van de kleuters gestimuleerd, de grove en fijne motoriek geoefend en de fantasie in beweging gezet. Door het omgaan met elkaar in het spel wordt de sociale ontwikkeling geoefend. Natuurlijk is de leerkracht van belangrijke invloed op het gehele proces.

De omgeving is huiselijk ingericht en geeft de kinderen een gevoel van geborgenheid. Vanuit deze sfeer van veiligheid komt het kind tot spelen. Het vrije spel wordt gekenmerkt door activiteit, harmonie, beweging, creativiteit, ontmoeting, inspanning en ontspanning. In hun spel laten de kinderen een zeer gevarieerd beeld zien van hun waarneming, beweging en interesse. Eenvoudige materialen bieden onbeperkte speelmogelijkheden en nodigen de kleuters uit hun fantasie te gebruiken en hun cognitieve (kennis) vaardigheden te ontwikkelen. We gebruiken daarbij natuurlijke materialen zoals hout, lappen stof, stenen, schelpen, zand, water, kastanjes, eikels en dennenappels. De leerkracht observeert en stimuleert het omgaan met de materialen en de sociale contacten.
Ook het opruimen, het weer opnieuw ordenen wordt met aandacht gedaan en vormt onderdeel van de klassenactiviteiten. De oudste kleuters hebben naast het vrije spel meer individuele impulsen nodig van de leidster. Ze vragen om een ander soort leiding. Deze kleuters kunnen van de leerkracht opdrachten krijgen tijdens het vrije spel. Dit kan het bouwen van een toren zijn, een sorteeropdracht, een weefwerk, timmerwerk enz.



Kleuter-euritmie
Dit vak is het enige specifieke Vrije Schoolvak. Deze bewegingsvorm spreekt de kinderen aan in het bewustzijn voor tonen en klanken. Het uitgangspunt is dat de kinderen zich via het gesproken woord en levende muziek zich kunnen verbinden in hun gevoelsleven met klanken en tonen.

In de kleuterklas krijgen de kinderen euritmie in verhaalvorm. De verhalen zijn sprookjes, of gaan over ambachten en jaargetijden. Dit is een ondersteuning voor alles wat er verder in de klas gebeurt.

 


Taal: spreken, vertellen, luisteren
Taal en spraak ontwikkelen zich bijzonder sterk in de kleuterfase. De kleuterleidster komt tegemoet aan de natuurlijke drang tot spreken en de behoefte om te luisteren van de kleuters. De taalontwikkeling en het laten ontstaan van beelden bij de kinderen wordt gestimuleerd door een aantal dagen achter elkaar hetzelfde verhaal te vertellen.

Grote waarde wordt gehecht aan heldere spreektaal. Deze wordt toegepast bij eenvoudige vingerspelletjes en versjes bij bewegingsspelletjes. Kinderen leren in rust te luisteren. Kleuters kunnen niet veel dingen tegelijk. De taal die gebruikt wordt moet mooi, rijk en zuiver zijn. De taal wordt steeds weer geoefend o.a. in oude volksspelletjes, versjes, sprookjes en dergelijke.

Arbeidsspel/bewegingsverhaal
De kleuters spelen ambachtelijke beroepen in verhaalvorm, ondersteund door versjes en liedjes (zoals de boer die gaat zaaien).
Door het arbeidsspel wordt de grove en fijne motoriek van de kleuter ontwikkeld. Er wordt inzicht gegeven in de begrippen d.m.v. de beweging achter de woorden en de kinderen leren deze begrippen in de juiste context te gebruiken.

Samen met de kleuters oefent de kleuterleidster allerlei bewegingsvormen zoals huppelen, dansen, galopperen, sluipen, wiegen en hard of zacht lopen. Daarnaast zijn alle bewegingen en elk spel waarbij kleuters zich in de ruimte leren bewegen en zich bijvoorbeeld groter, kleiner, lichter en zwaarder ervaren, waardevol omdat daar later in de onderbouw verder op ingegaan wordt. Door dit samen in de kring te doen krijgt de kleuter het gevoel van veiligheid.

Muziek
Elke dag worden er met de kinderen veel liedjes gezongen.
Het muzikale gevoel wordt verder ontwikkeld door de kleuters te laten luisteren naar muziek, bijv. het lierspel van de leerkracht. Daarnaast maken de kinderen soms zelf muziek met ritme-stokjes en handenklap-spelletjes.

Tekenen, schilderen, boetseren, handvaardigheid
De kinderen ontwikkelen met deze oefeningen gevoel voor kleur en vorm. Iedere kleuter geeft uitdrukking aan zijn eigen ontwikkeling. Daarom wordt er niet met opdrachten gewerkt waarbij vooraf vaststaat wat de uitkomst moet zijn. De leerkracht geeft soms individueel aanwijzingen of biedt hulp.


Huishoudelijk werk
Afwassen, wassen van kleedjes en poppenkleren, stoffen, vegen, opruimen, koken, en bakken gebeurt in de kleuterklas. Vanuit de nabootsing gaat een kleuter aan het werk. Als de volwassenen dit met plezier en zorg doen, zal het kind dit overnemen. Dit helpt hen bij het zelfstandig worden.

Eten met elkaar
De kinderen zitten met elkaar aan tafel. Door gezamenlijk de tafel te dekken en met een spreuk te beginnen proberen we de kinderen wat eerbied en aandacht te laten krijgen voor de maaltijd.

Schooltijden kleuterklas

De kleuters gaan 5 dagen in de week naar school van 8.30 tot 13.30 (op woensdag tot 13.00), om 13.30 zijn de kleuters klaar.

Wilt u uw kind inschrijven voor De Toermalijn dan kunt u dit doen door het aanmeldingsformulier in te vullen en op te sturen naar:
Basisschool de Toermalijn, Mauritslaan 5, 2181 SK Hillegom

Inschrijvingsformulieren kunt u hier downloaden en uitprinten:
let op, het formulier bestaat uit 2 delen.
Klik hier voor deel 1
Klik hier voor deel 2

E-mail naar info@de-toermalijn.nl

Ook kunt u bellen met 0252-524899