De 10 veelgestelde vragen over het vrijeschool onderwijs.

1. Waarvoor staat het woord “vrij” ?

Vrij staat voor het streven om de talenten dat het kind met zich meebrengt optimaal te laten ontwikkelen. De leerkrachten en de ouders spelen hierin de belangrijkste rol, een rol die zoveel als mogelijk vrij is van overheidsbemoeienis.

2. Waarin verschilt het vrijeschoolonderwijs vergeleken met het reguliere onderwijs ?

De vrijeschool werkt vanuit een antroposofisch mensbeeld. De school geeft een zo breed mogelijk aanbod waardoor “willen”, “voelen” (sociale, culturele, kunstzinnige en expressieve vaardigheden) en “denken” (cognitieve vaardigheden) zich kunnen ontwikkelen en met elkaar in harmonie kunnen groeien. Het leerplan is gebaseerd op de ontwikkelingsfasen van het kind. Het gaat er niet alleen om “wat” je later wordt maar “wie” je wordt.

3. Mogen kinderen zelf bepalen wat ze willen doen ?

Nee, vrijescholen geven in principe klassikaal onderwijs.Ritme, sociale omgang en structuur zijn daarbij heel belangrijke voorwaarden. De activiteiten zijn per klas en per dag ingedeeld en volgen het ritme van de jaarfeesten waaraan de “kalender” van de vrije school is opgehangen.

4. Welke vakken krijgen de kinderen ?

Naast lezen, schrijven en rekenen worden de kinderen onderwezen in de volgende vakken: Duits, Engels, Frans, heemkunde, wereldoriëntatie, handvaardigheid, euritmie, gymnastiek, zang, schilderen, vormtekenen en muziek.Tijdens het zogenaamde periode onderwijs wordt een bepaalde tijd diep op een bepaald onderwerp ingegaan.

5. Hoe wordt de ontwikkeling van het kind vastgelegd ?

Vanaf de kleuterklas wordt per kind een leerling-volgsysteem bijgehouden. Hierin wordt vastgelegd wat de ontwikkelingen van het kind zijn gedurende het schooljaar. Niet alleen de leerprestaties worden hierin vastgelegd maar ook de sociale en emotionele ontwikkeling worden bijgehouden.

6. Krijgen kleuters al les in lezen en schrijven?

Tijdens de kleuterjaren van het kind ligt de aandacht o.a. op de volgende vlakken, het kunnen meedenken met de loop van een verhaal, het ontwikkelen en laten ontstaan van innerlijke beelden, het geconcentreerd kunnen luisteren, het vergroten van de spreekvaardigheid en luistervaardigheid. Het leren lezen en schrijven is een proces dat vanaf de eerste klas wordt begonnen.

7. Wordt er onderwijs gegeven met behulp van computers?

De hoogste klassen mogen, indien nuttig en noodzakelijk werken met een computer. Het leren vindt plaats door middel van menselijk contact. De onderwijzer brengt de informatie mondeling over op de leerlingen. Dit prikkelt de fantasie en scherpt het geheugen.

8. Hoeveel vrije scholen zijn er in Nederland ?

In Nederland zijn 72 onderbouwscholen en 14 bovenbouwscholen. Op deze scholen zitten respectievelijk 13476 en 6664 kinderen.

9. Krijgen de kinderen een rapport?

Aan het einde van elk schooljaar krijgt elk kind een getuigschrift. Hierin staat beschreven welke stof dat jaar is behandeld en hoe het kind met die aangeboden stof is omgegaan. Daarnaast geeft de leerkracht ieder kind extra aandacht over hoe het zich heeft ontwikkeld tijdens het schooljaar. Dit is wezenlijk anders dat het geven van cijfers. Door een tekening of gedicht dat specifiek bij dat ene kind past, wordt het getuigschrift een heel persoonlijk document.

10. Kunnen kinderen na de basisschool ook naar het reguliere onderwijs?

Ja, een aanzienlijk deel van de kinderen kiest voor voortgezet onderwijs anders dan de vrijschool. De bovenbouw van de vrijeschool sluit het beste aan bij de leerstof van de onderbouw. In een aantal vakken zullen de vrijeschool leerlingen een kleine voorsprong hebben bij andere vakken zullen zij moeten wennen aan de manier waarop les wordt gegeven op het reguliere onderwijs.